donderdag 11 oktober 2018

Gewoon bijzonder

Poe hé, wat ben ik lui. Deze maandagavond wordt een moment van bankzitten :)
Nadat ik lekker heb gewerkt vanmiddag en na het avondeten nog even had geriedeld op mijn gitaar, loop ik moe maar voldaan naar beneden. Onderaan de trap houd ik even stil. Wie hoor ik daar? Ah nee hè! Zucht. En nog eens zucht....

Wilde ik toch echt even mijn ogen dicht doen en lekker lui in de kamer zijn? En dan hebben we bezoek!
Langzaam gaat mijn hand naar de deurknop, het handvat zakt omlaag. En kraakt. Nu is er geen ontkomen meer aan.
-Hoi vriend, hoe gaatie? Vriend zit breeduit aan de grote tafel met manlief als luisterend oor. Een kop koffie er bij en ik weet: die is voorlopig nog niet weg.
Toch kan ik wel op de bank. Even liggen hoor, jammer dan voor hen.

Het geklets volg ik mee. Opmerkingen als: je vrouw is erg moe hè en dat nog drie keer weer, doen me glimlachen.
-Ja vriend ik ben moe maar ik doe even mijn ogen dicht. Dan is zo alles weer tiptop in orde.
Vriend begrijpt het nu en vraagt niet meer waarom ik zomaar midden op de avond op de bank lig. Manlief kletst door en door en door en uiteindelijk ga ik er bij zitten.
Om hem even te helpen. Want alle vragen worden drie keer gesteld en een gesprek met vriend is daardoor behoorlijk vermoeiend.
Vriend heeft autisme, maar hij zegt van niet. Hij denkt dat alles prima in orde is en redt zich ook nog eens. Zij het dan dat er bepaalde dingen in zijn leven zijn, die niemand anders zo zou willen doen. Zij het dan dat hij regelmatig ruzie heeft op het werk en daarom verhaal komt halen bij ons. Zij het dan dat hij mensen niet snapt, de wereld om hem heen niet snapt en zichzelf ook niet.
Zo herkenbaar!

-Zeg vriend, het is tien voor negen. Ik wil zo naar bed. Zullen we afspreken dat je negen uur naar huis gaat?
Vanaf dat moment kijkt vriend om de minuut op de klok. En ik plaag: je mag best wat eerder gaan hoor, als je dat wilt :)
Het is vijf voor negen als vriend aan mijn man vraagt:
-Wil jij nog een stukje Bijbellezen? Dat vind ik altijd fijn en jij was toch ouderling.
Manlief kijkt me aan en ja, dan, wat aarzelend, leest hij een psalm. Vijfentwintig. Om na het eerste vers onderbroken te worden.
-Die heb ik vanmorgen gelezen, doe nu maar een ander. Oké. Psalm 27 dan. Wacht op de Heere!
En met dat Woord loopt vriend de deur uit. De klok slaat negen keer.

Zo werd het met deze bijzondere vriend een bijzonder moment. Zij het dan dat dit voor hem normaal is...


zaterdag 22 september 2018

Au! 't is me wat...

- En jij dan hè, wat heb jij dan gedaan? Al 17 jaar woon ik bij je en nog nooit heb je een flikker voor me gedaan! En dan die kutgemeente die alle straten tegelijk verbouwd. En waarom moet ik zo lang wachten op die tyfusarts? Nog effe en ik ga naar huis!!!!

We zitten in de wachtkamer. Ja echt waar. Van de huisarts. En ik heb zo'n medelijden met de mensen om me heen. Die zitten hier ook niet voor hun lol en dan krijgen ze zo'n klaagzang te horen van een grote, maar toch heel kleine,  jonge man die nogal gefrustreerd is. Rob. Mijn Rob. O help!
De bak koffie in zijn hand trilt en de woede staat in zijn ogen. De andere twee bakken koffie haal ik uit zijn andere hand en zet ze voor me op de tafel. Hij raast maar door en wat ik ook probeer, afleiden helpt nu even echt helemaal niet. Het worden de tien langste minuten van de dag...

Het begon al op de fiets. In het kader van goed zijn voor het milieu en werken aan conditie lieten we de auto staan. De zon scheen uitbundig, dus wat wilden we nog meer!
Nou, geplaveide straten misschien? Een arts die Rob roept voor het tijd is? Een goed humeur?

Die bovenste zin hè, 'Al 17 jaar woon ik bij je en nog nooit heb je een flikker voor me gedaan!' die deed me zo'n pijn. Al sinds de zwangerschap ben ik er voor Rob en altijd, altijd sta ik voor hem klaar. Ik was misselijk, beroerd en moe, maar al wel blij met hem vóór we hem zagen. Ik vocht voor juiste hulp en gaf hem daarnaast alles wat hij nodig had om in leven te blijven. Beginnend bij borstvoeding en een warm bedje, droge luiers en schone kleren, een goed huis, aandacht en liefde. Heel erg veel liefde. Dat vooral. Ik bid voor hem en heb hem geleerd over God, waar hij helaas tot nu toe niets mee kan. Te abstract. Maar ik blijf bidden. En tot ik niet meer kan, blijf ik voor hem zorgen in alles wat hij nodig heeft. Zo, dat even tussendoor. Voor later...

Dan is daar de arts. De koffie is vergeten, de boosheid is er nog wel. De arts krijgt behoorlijk wat voor zijn voeten gegooid, maar hij gaat er goed mee om. Het medeleven in zijn ogen breekt me en ik kan de tranen niet meer tegen houden. De aandacht gaat naar mij en later weer naar Rob. Als de arts zijn ontstoken teen heeft bekeken en de oplossing heeft verteld (antibiotica), draait Rob zijn stoel dicht naast de mijne, legt zijn hand op mijn rug en zegt:
-Stil maar, ik zal wel even je rug aaien hoor, daar wordt je wel weer rustig van.

Ach, eigenlijk is het best een schat. Mijn Rob.
Mocht jij op dat moment in de wachtkamer hebben gezeten, weet dan dit: soms is het leven met Rob één groot feest. Jammer dat jij dat niet mee kreeg.

Excuses voor de lelijke woorden. Niet mijn idee, maar wel een deel van mijn leven soms... 

donderdag 20 september 2018

Leven in vrijheid

'Yes! Nu gaat het gebeuren. Enthousiast juich ik met de menigte mee. Kom, erachter aan!
Allemaal zijn we razend enthousiast. Zie je wel, het wordt wel wat!'

Ja, ik had ook zo gereageerd. Toen U vroeg of ze een ezel wilden halen. Toen U er op ging zitten en als een soort van Koning de stad binnen reed. Ik had ook zo gereageerd toen U daarna alle geldwisselaars in de tempel een stevig lesje leerde en hun kraampjes om ver gooiden.

Nu gaat het echt gebeuren. Nu krijgen we een Koning als nooit tevoren. Eindelijk zullen we van de Romeinen worden bevrijd en zal ons leven vrij zijn! Dát is waar we naar verlangen. Vrijheid ...

Maar het ging anders. U ging de tuin in en bleef daar tot de nacht gekomen was. In die duisternis bad U tot God maar liet U Zich tegelijk ook gevangen nemen.

Had Petrus niet gelijk toen hij het zwaard pakte? Was U niet Degene die zei dat we op pad moesten gaan met een zwaard. Nog geen 24 uur geleden had U dat ons gezegd immers? En dan gebeurt er wat, dan pakt Petrus om U te verdedigen het zwaard en dan zegt U dat hij het zwaard weg moet doen? Ja zelfs plakt U het oor weer vast van die jongeman, terwijl Petrus juist zo goed bezig was. Ik snap er niets meer van.

Ik ben zó teleurgesteld. Zó ontzettend verdrietig ook. Alsof een jarenlange droom als een zeepbel uiteen gespat is en compleet weg is gevaagd. Tot niets is opgelost.

De volgende dag sta ik er bij. Ik ben boos, teleurgesteld, moe en verdrietig. En met alle mensen roep ik: weg met Hem. Wat maakt het nog uit? Als Hij toch geen Koning voor ons wil zijn?

Nee, het waren de Joden niet, Heere Jezus, die U kruisigden. Ik was het...

Later die dag hoor ik Uw stem. "Vergeef het hun!' En: 'Heden zul je met Mij in het paradijs zijn'. En: 'Vader, in Uw handen beveel ik Mijn geest. Alleen daar ben Ik veilig'.

En ik weet het opeens. Hij is het toch! Mijn Koning, mijn Verlosser. Mijn Alles.
Vanaf het kruis kijkt Hij me liefdevol aan.
'Ik deed dit voor jou mijn kind. Zodat jij altijd veilig zult zijn bij Mij. In Mijn paradijs'.
Ik val op mijn knieën daar aan de voet van het kruis. En aanbid Hem. Mijn Jezus. Dit is echte vrijheid!

woensdag 12 september 2018

The Choice, de Keuze

-Kijk eens, deze moet je eens lezen.
Voor ik het weet krijg ik een boek in handen geduwd en niet veel later zit ik in Auschwitz. In de wereld van Edith Eva Eger. Inmiddels dokter in de psychologie, winnaar van de Nobelprijs voor vrede en ruim negentig jaar oud.
Haar indrukwekkende, angstaanjagende en moedige levensverhaal heeft ze nog niet zo heel lang geleden opgetekend. Geboren in Hongarije, Jood, geleden in Auschwitz onder het Duitse regime, nu wonend in Amerika, levend als bekend en bemind oorlogsslachtoffer, als één van de weinige overlevende van de verschrikkelijke tragedies van 1940-1945 in het genoemde kamp en zelfs in kamp Grunkirchen.

De keuze, Leven in vrijheid. Bizar en bijzonder. Eger stelt ons de keuze: leef je als slachtoffer, of kom je als winnaar uit de strijd? Vergeef je? Of leef je vanuit je wraak, wat je kapot maakt? Waardoor je in het verleden blijft hangen en dát aandacht geeft?
Enkele citaten die mij raakten:
- De tijden veranderen en wij veranderen met ze mee. We bevinden ons altijd in het proces van worden (pag. 249)
- Leven om het verleden te wreken; leven om het heden te verrijken; ga je in de gevangenis van het verleden blijven of laat je het verleden een springplank zijn die je in het leven nu helpt te bereiken dat wat je nu wilt? (pag. 210)
- Ik ben verantwoordelijk voor eigen gedrag en keuze. Alleen ik kan doen wat ik doe op de manier waarop ik het doe (pag. 208)
-Als je iets te bewijzen hebt, ben je niet vrij (pag. 219)
- Vergeven is rouwen om wat er is gebeurd, om wat niet is gebeurd en de hoop op een ander verleden op te geven. Vergeven is het leven accepteren zoals het was en is (pag. 251)

Eger heeft geleerd door haar trauma's heen dat je kunt kiezen voor het goede en voor vrijheid in plaats van slachtoffer te blijven van wat een ander je heeft aangedaan. Om zo je leven beter te maken voor en door jezelf en voor anderen.

Net voor ik dit boek las, las ik 'Bevrijd van jezelf' van Tim Keller. Grappig dat het doel hiervan hetzelfde is, nl vrijheid. Hij heeft alleen een totaal Ander principe en Ander uitgangspunt. Eén die me wat meer ontspannen lijkt. Hij zegt dat als je vanuit je ego denkt en kiest, je steeds weer op zoek bent naar wat nieuws, wat anders. Om je leegte van binnen te vullen, je pijn te verwerken en jezelf goed neer te zetten in de hoop op een leven in vrijheid. Waar je eigen ego leeg, pijnlijk, druk en breekbaar is, kun je ervoor kiezen om te leven vanuit Jezus en Zijn Overwinning. Oordelen en veroordelen over anderen laat je dan los. Oordelen en veroordelen over jezelf is niet meer van toepassing. Alleen de vraag 'wat vindt God hiervan en hoe kijkt Hij naar mij' is nog belangrijk. Vanuit Zijn liefde leven, voor jezelf en voor de ander, kan alleen als je weet dat Jezus je Verlosser en Overwinnaar is. Dan ben je in Gods ogen rein en heilig, volmaakt en rechtvaardig, geliefd en aanvaard en mag je ontspannen leven in vrijheid.

Twee totaal verschillende boeken. Twee totaal andere uitkomsten. Indrukwekkend om te lezen en heel leerzaam. Maar dan de tweede niet zonder de eerster, wil je er een goede, lees christelijke, balans in vinden, lijkt mij.

Wist je trouwens dat Jezus ook koos. Hij koos nooit voor Zichzelf, maar altijd voor de ander. Voor jou, voor mij. Dat was de beste keus ooit!




maandag 3 september 2018

De gevolgen van vreemd gaan

-Weet je wie ik pas tegenkwam als vrijwilliger in onze kerk?  Geertje.
- O ja, dat is leuk hè. Ik heb haar pas nog gesproken. Zo'n leuke vrouw geworden. Ze is echt opgeknapt.
Stomverbaasd kijk ik mijn vriendin aan. Oké.... hier moet ik even over na denken.
Maar nog voor ik dat kan doen haakt een andere vriendin er ook op in.
-Ik zag haar pas ook en ik heb haar uitgenodigd voor de koffie. Zóo gezellig, kirt ze.

Ik ben stomverbaasd en ook een beetje verbijsterd en boos. Tuurlijk, ieder mens mag er zijn en heeft behoefte aan leuke contacten en goede vriendinnen. Toch vind ik het ook raar.

Geertje is er een jaar of drie geleden vandoor gegaan met een ander. Haar man gechoqueerd achterlatend. Twee gezinnen kapot en, zo lijkt het nu, zij leven nog lang en gelukkig.
-Ik, zo zei ze, kies nu eens voor mezelf.
Nu de grootste schok voorbij is en zij weer terugkomen in de stad, zijn ze weer van harte welkom in kerkelijke gemeente. Prima. Hoewel? Ik vind het lastig. Want op diezelfde plek zijn ook twee diepgewonde mensen, de ex-en van dit stel. Die lopen in en uit op de plek waar zij nu vrijwilliger is. En ik vraag me af of er nu niet keihard over de gevoelens van anderen gelopen wordt. Platgetreden, dat waren ze al. Nu krijgen ze nog een schop na om juist op een plek waar ze graag komen weer geconfronteerd te worden met iemand die hen zoveel pijn heeft aan gedaan. Dienstbaar aanwezig in de kerk.

Moet ik vergeten? Moet ik vergeven? Ja! Ik ben geen haar beter dan hen en ik weet dat ze ook bij Jezus mogen komen. En ik wil haar niet oordelen op wat ze doet, want ik weet haar motieven niet zo heel goed. Al werd ze niet mishandeld of was er geen sprake van psychische stoornis of zo, dus... Is trouwens helemaal niet aan mij! Maar blijft staan dat er veel kapot gemaakt is. Hoewel het haar misschien goed heeft gedaan, is hij diep verwond en verbrijzeld. Nog altijd. En die pijn, die wil ik blijven zien. Daar wil ik niet over heen walsen.

Alles lijkt te wennen. ook dit. Ook voor de kerk kennelijk. We vergeten en nemen de ander met open armen terug. Zonder dat er dingen veranderen en uitgepraat worden is dat misschien toch niet zoals God het heeft bedoeld. Het wordt in elk geval wel makkelijk gemaakt. Je gaat vreemd, je choqueerd iedereen in je wijde omgeving. Je trekt je een paar jaar terug en daarna kom je als zelfverzekerde dame retour. Iedereen is blij je weer te zien en vind je zo'n prachtig mens geworden. Het heeft je echt goed gedaan.

Sorry hoor, goed gedaan?? Kan zoiets goed voor je zijn? Wie houdt wie nu eigenlijk voor de gek??


maandag 20 augustus 2018

Think before you say something! Ofwel: Denk na voor je wat zegt!

-Is dat even boffen voor je man! Hoeft hij niet meer uit eten met je. Scheelt een hoop geld.
Lachend loopt de man weg en verbijsterd kijk ik mijn vriendin aan. Nou ja zeg, die is echt niet wijs.
Tot in haar tenen toe is ze pijnlijk geraakt. Boos. Verward. Verbaasd. Wie zegt dat nou? Kunnen mensen niet gewoon even na denken voor ze iets uitspreken?

Na een bizar ongeluk is mijn vriendin haar smaak en reuk en gedeeltelijk haar gehoor kwijt. En dan geeft iemand die vraagt hoe het met haar gaat, deze opmerking. Hoe stom kun je zijn!

Zelf maakte ik het ook regelmatig mee, vooral in het verleden. Als Rob als kleine jongeman wat deed wat niet tot de maatstaven van het Nederlandse volk hoorde. Dan konden mensen echt van die irritante en pijnlijke opmerkingen geven waarbij je altijd direct wist: ik heb het niet goed gedaan. Ik heb me er tegen gemaskerd, beveiligd, ommuurd zelfs. En ik leerde er mee om gaan en te zeggen dat het mijn eigen schuld is dat hij zo deed. Sarcastisch en cynisch, omdat het niet waar is. Maar ik was ze dan meestal een stap voor.
Als Rob het bijvoorbeeld op een rennen zette en daarbij bijna iemand anders omver loopt. Hoe kon het ook anders? Hij zag die persoon niet, Hij zag alleen maar de ballon die daar net voor hem meezweefde op de wind. En daarbij komt: hij liep toch netjes op de stoep?
Dus voordat de dame van de schrik bekomen was, angstvallig haar tas vasthoudend en verward achterom kijkend alsof een wervelwind langs kwam in plaats van mijn zoon... Dus als dat allemaal in een paar luttele seconden gebeurde, dan zei ik: 'Sorry mevrouw, vergeten op te voeden.' Een verbijsterde blik, een verrassende blik, een matte glimlach. Boel weer gered.

Opmerkingen als die van die een man tegen mijn vriendin zijn super gênant. Naast alles wat je meemaakt maakt iemand het nog erger, nog pijnlijker. Heeft zo iemand wel door wat er diep van binnen in die ander gebeurt?

Ik zou iedereen willen oproepen even goed na te denken voor hij/zij wat zegt. Vooral als iemand zoiets heeft meegemaakt. Terwijl je van buiten niets aan die ander kunt zien, net als bij onze Rob en vele anderen, doet het van binnen vreselijk veel pijn en maakt het meer kapot dan je lief is.

- Misschien moet je de volgende keer op krukken komen een oorwarmers op? adviseer ik mijn vriendin. Dan zien ze tenminste hoe erg het was. En ik geef haar een knuffel. Blij dat je er weer bent!

donderdag 9 augustus 2018

Achtendertig jaar op een ligmat

Ik zie ik zie wat jij niet zie...
Wie weet het verder?
Dominee kijkt vragend de kerkzaal in. Ik zie, Ik zie...
Zo is Jezus! Hij ziet wat niemand ziet. Hij ziet JOU!

De preek gaat over de man in Bethesda. Al 38 jaar ligt hij ziek te zijn zonder uitzicht op genezing want: 'Ik heb geen mens'. En dan is Jezus daar. En vraagt of hij gezond wil worden.
Ik vond dat altijd een beetje een rare vraag. Duh-uh. Tuurlijk wil hij dat, vulde ik dan in.
Maar moet je eens indenken wat dat voor deze man heeft betekent. Na achtendertig jaar weer de maatschappij in. Op zoek naar een woonplek, een baan. Op zoek naar vrienden. Die hem waarschijnlijk niet meer herkennen. Die hem niet trouw hebben bezocht. Nieuwe vrienden maken dus maar. Na achtendertig jaar meedoen met de rest alsof je nooit anders hebt gedaan. Alsof je niet een groot deel van je leven op een matje hebt doorgebracht. Niet heel onwaarschijnlijk dat die man dat niet meer zag zitten en liever zijn matje sleet in de jaren die nog zouden volgen.

Los van het feit dat deze man wél wilde genezen, los van het feit dat Jezus hem zag en hem genas, blijf ik toch verwonderd over de opdracht: neem je ligmat op.
Waarom zou dat nu gemoeten hebben? Dat matje hè, daar moet je niet al te veel over na denken maar hoe zal dat er uit hebben gezien. Na zoveel jaren gediend te hebben als matras, maar misschien ook als eettafel en toilet... Sorry maar.. de man is niet in staat om op tijd naar het genezende water te gaan en zal dus ook niet veel energie gehad hebben voor een uitgebreide douche...

En echt, het is een detail, maar de vraag blijft een beetje in mijn hoofd. Zegt Paulus niet in de Bijbel dat je dat wat achter je ligt los moet laten en je uit moet strekken naar wat voor je is? Dat je al je zonden mag wegdoen als je belijdt dat Jezus je Verlosser is? Ik zou m'n matje lekker achter me gelaten hebben, het is voorbij dus niet meer aan denken!
De man wordt genezen en en Jezus zegt hem: 'Ga heen en zondig niet meer, zodat je niet wat ergers overkomt.' Is dat vieze vuile matje misschien  een herinnering aan wat geweest is en aan wat Jezus voor hem deed? Zodat hij als hij in verleiding komt, niet weer een misstap maakt maar juist wél denkt aan wat er is gebeurd en hoe genezen hij is? En hij klein van zichzelf  en groot van Jezus leert denken?
Of had het te maken met het vervolg? Is het een test? Want er staat: en het was sabbat... Daar zit nog een verhaal aan vast, want op sabbat mocht er van de leiders van het volk niets gedragen worden. Zelfs geen vies aangekoekt half verteerd matje.

Dominee liet het matje liggen.Maar de man pakte het op en deed gehoorzaam wat Jezus hem vroeg. Ik weet niet het waarom van deze kleine opdracht. Ik weet wel dat hij het gewoon deed.
God de Vader zei aan het begin en aan het einde van Jezus' bediening op aarde: 'Dit is Mijn geliefde Zoon in wie ik vreugde vind. Luister naar Hem'. En nog voor de genezen man wist Wie Jezus eigenlijk echt is, de Redder, Dé Verlosser, deed hij het goede. Omdat hem goed gedaan werd. Omdat hij gezien werd. Jezus zag hem. Om Hem gaat het. Laat dat matje maar liggen, dat is van minder belang. Het gaat om Jezus. Hij ziet, Hij ziet wat ik niet zie. Jezus ziet jou. Zeker weten!

Je vindt dit verhaal in de Bijbel, Johannes 5:1-8 of 1-18




dinsdag 31 juli 2018

Stress on the mountains (2)

-Gutentag. Ich ben... euh, overnieuw.
Rob is in zijn element. Samen met ons doet hij boodschappen bij de 'supermarket om de hoek' in Duitsland. We laten de jongens niet samen als we een poos weg zijn (thuis doen we dat ook niet), maar dat is geen straf voor Rob. Hij houdt van winkelen. En glom toen ik hem zei dat hij de supermarket vast in mocht, terwijl wij eerst naar een andere winkel gingen.
Dus eenmaal bij de kassa zei hij tegen ons: ik praat wel. Dus, even overnieuw:
-Gutentag, ich bin Henk. (rust) En ik heb ADHD (???!!!)
Stomverbaasd staar ik hem een kleine seconde aan en barst in lachen uit. De anderen met mij. Hoe hij daar ook staat: manshoog, mansbreed, stralend hoofd, dichtgeknepen oogjes. Het moment van de dag is deze. Samen met de andere klanten lachen we spontaan om zijn grap, hijzelf nog het hardst.

Rob is een compleet andere jongen dan Geert. Doet zijn uiterste best om het mensen naar hun zin te maken, ook wel pleasen genoemd. Kan daarbij zelfs over zichzelf heen walsen. In combinatie met een leven onder één dak met Geert voel je het al: het leven is spannend! Ook thuis. En al helemaal in het vakantiehuisje.

De eerste dagen gingen nog wel redelijk, al kostte het hem moeite om aan het gevraagde van Gerco toe te geven of om nee te zeggen, iets wat wij erg stimuleren. Ook Rob mag zijn eigen keuzes maken.
Maar ik zie hem inkakken. En vanaf donderdag is hij zó moe -we waren maandag gekomen-, dat hij verlangend vraagt of we niet naar huis kunnen. Die nacht slaapt hij haast niet. Zijn eczeem begint weer op te spelen, hij heeft een vol hoofd en  het is, uiteraard, warm. Maar een simpele diagnose is al snel gesteld: beginnend last van heimwee. Via de app vragen we aan de zussen wat foto's van zijn konijn en zijn moestuintje. Dat doet hem zichtbaar goed!


Robs kledingkast op vakantie
Dapper voetbalt hij regelmatig met ons mee en we geven hem complimenten: ook hij gaat goed vooruit! We tellen de nachtjes, de dagen en bespreken hoe en wat de plannen zijn: jij mag lekker schilderen en knutselen, verder doen we gewoon niets of alleen wat je fijn vindt om te doen. Zoiets als 'niets moet, alles mag'. Is trouwens een erg goed boekje, wat ik momenteel niet aan het lezen ben :)
Zo ging Rob zaterdagavond met papa naar de Bingo. En bijna, ja echt bijna, won hij een mega grote knuffel van My Little Pony. Bíjna! Papa blij! (Dat past echt niet meer in de auto.) Rob wat teleurgesteld. Tot hij mij ziet. En de oplossing weet.
-Jij bent My Little Pony. En hij kwijlt verliefd knipperend met zijn smalle oogjes naar zijn eigen Little Pony...

Twee zoons. Zo verschillend. Zo onze kinderen. Zo dankbaar voor wie ze zijn. Maar ook vaak zo'n grote uitdaging en zo vermoeiend!
Voor allebei was het heel erg spannend, zo'n vakantie met vier. De één wil 'de baas' zijn. De ander gaat pleasen. Over één ding waren ze het eens: ze wilden snel weer naar huis. En over nog iets zijn ze het eens: ze willen nooit, maar dan ook nooit meer op vakantie.
-Jullie gaan maar samen! roepen ze gezamenlijk.
Mee eens!




maandag 23 juli 2018

Stress on the mountains (1)

-Euh... ja-ah. Volgens de Tomtom moet je er hierin.
Maar mijn stem klinkt wat aarzelend. Het is wel heel smal hier... En het lijkt loodrecht omhoog te lopen. Brrr... Bedachtzaam zet mijn man de richtingaanwijzer naar rechts. Zoals de Tomtom zegt.

Cochem gaat het worden dit jaar. Een week geleden geboekt voor een leuke prijs terwijl de faciliteiten en activiteiten op het park en de bungalow zelf natuurlijk hetzelfde blijven. Wat willen we nog meer??
Nou... ik zou willen dat ik me er wat beter bij voelde. Ik voel zoveel spanning. Gewoon omdat we gaan met onze twee jongens, die niet heel goed met elkaar kunnen. Geert is Rob duidelijk de baas in heel veel dingen en Rob is te zacht van karakter om daar tegen op te kunnen. Wat hem veel onrust geeft en verstopte boosheid. En dan vooral niet vergeten dat Geert meestal zo'n dag of vier nodig heeft om te wennen en de boel wat meer over te laten aan hoe het komt in plaats van aan zijn eigen controle. Dus ja, ik heb reuze veel zin in deze week, maar de combi maakt me gestrest.

Langzaam stuurt manlief onze auto het steegje in. Om even later een beklimming te beginnen waar je 'U' tegen zegt. Sorry hoor Tomtom, dit lijkt een beetje Domdom! De stijging is zo'n spannend gebeuren voor ons simpele en onervaren Nederlanders en de haarspeldbochten zijn werkelijk haarspeldachtig. Eenmaal boven (en bij het vakantieoord!) staat het zweet me in de handen en geef ik manlief een groot compliment. Respect! Pff!!!

En ik bedenk me dat mijn moeder het al zei:
-Oh, Cochem, ja, als je dan op de Moezel gaat varen zie je boven op de berg dat park liggen. Leuk!!! Leuk??
En ik zag het voor me: een piramide-achtige berg met bovenop een huisje. Wat haast omvalt als je te snel omdraait in je bed... Wat schudt op het fundament als je de bal er niet tegen aan rolt, maar er tegen aan schopt...
Niets van dat alles is waar. De top is niet zo puntig als een piramide. Het huisje staat er niet alleen en als je de rit er naar toe even vergeet, vergeet je tegelijk ook dat je op een berg zit. Wat ik overigens jammer vind. Ik zie graag bergen in plaats van dat ik er op zit :)

Inmiddels zijn we weer thuis. Hebben we de afdaling een aantal keer gedaan en zijn we ook weer een paar keer terug gegaan. Alles went.
Behalve dan de vakantie zelf. Het was bikkelen. Geert was door de dolle heen. En dan bedoel ik dat niet heel positief. Geert wilde samen op vakantie, omdat we dan 'eindelijk weer eens wat samen zouden gaan doen'. Zijn 'samen dingen doen' was vooral voetbal, voetbal en voetbal. Nee! Niet alleen met mama. Ook met papa en Rob! Vaak gaven we toe om de lieve vrede. Maar dat boottochtje op de Moezel liet ik al snel los. Een dagje Cochem was binnen twee uur klaar en samen een wandeling of een spelletje konden we op onze buik schrijven. Samen zwemmen? Nee, Geert houdt niet van nat worden. Samen wandelen? Duh-uh... dat doe je toch niet?

De televisie heeft ons gered. Die hebben we thuis niet, maar samen kijken was echt leuk. De wifi
redde ons ook. Soms. Als tie het deed. Want die hebben we thuis beter. En de bal. De voetbal. Echt, ik kan bijna in het dameselftal, zo goed ben ik geworden. Al was het compliment van mijn mannen duidelijk wat minder groot, ik vind dat het zo is.
Vooral gebed heeft ons gered. Wat heb ik gebeden! Bijna dag en nacht. Elke keer weer als er een klapper was, dagelijks een keer of vijf, zes bad ik om Gods Geest van vrede, liefde en geduld. En vertelde ik satan dat we niet van hem zijn maar van Jezus en dat hij dus lekker mocht opduvelen. (Ik las het boekje' Vurig' over gebed en dat kwam precies op het goede moment). En elke keer weer kreeg ik rust en tact om de ruzie te beslechten, de jongens rustig te maken of gewoon om simpel weg te voetballen. Prijs God voor zoveel genade voor ons gezin!

De enige actie van het park zelf was, inderdaad, een voetbalwedstrijd, waar Geert hoopvol naar uit keek. De rest van wat op de site stond, bestond niet denk ik. Maar die voetbalwedstrijd, dat ging gebeuren.
Die ochtend voetbalt Geert een kleine twintig minuten met een groepje jongens tussen de 6 en 11 jaar. Daarna wordt de wedstrijd, nog voor het echt begon, afgelast in verband met een valpartij. Boos en teleurgesteld, maar manmoedig verdraagt Geert dit grote verlies. Nu weet hij het zeker: deze vakantie is geen klap aan! En zoals elke dag zegt hij het weer: Ik wil naar huis! Broer beaamt dat ruimhartig. Wij ook.


Geert is een jongen van grote, grote verwachtingen. We kunnen dat niet waar maken, wat we ook doen. De allergrootste verwachting was de hele week: maandag gaan we naar huis. En dát ging lukken!  Heerlijk, weer ons eigen huis, onze eigen spullen, onze eigen Rob, onze eigen Geert. Die overigens even moet afreageren. Er dringt heel veel kabaal van zijn slaapkamer tot hier beneden door. Maar daarna is hij er weer. En hoe!

- Mam, kunnen we voetballen???


donderdag 12 juli 2018

Zooi ruimen bij Groot Nieuws Radio

Gerelateerde afbeeldingEigenlijk luister ik het nooit, Groot Nieuws Radio. Vaak alleen als ik in de auto zit. Ook deze middag, als ik Rob van zijn laatste schooldag af gaan halen. Een interview met de NBG, Nederlands Bijbelgenootschap. Over groen en milieubewust en zooi opruimen. Nadat de Groene Bijbel uiteindelijk niet in de verkoop mocht, hebben ze nu iets anders bedacht, nl: maak je Bijbel groen.
Gelijk een beetje vakgebied voor mij, dus luisteren maar.

Ruim je de troep op van de ander? Niet van je kind of man, maar van de medemens die zijn troep neergooit op straat? De stelling bij Groot Nieuws is duidelijk. De uitkomst beter dan ik had verwacht: 55% wel, 45% niet. Ik hoor bij die 45%. Ik zie de troep wel liggen, maar ik denk er überhaupt niet aan om het op te pakken en weg te gooien. Dom? Ondoordacht denk ik.
Afbeeldingsresultaat voor blikvangerDat zegt de geïnterviewde ook. Mensen die hun zooi achter laten op straat, vaak op een paar stappen van de prullenbak vandaan, zijn Onwetend, Onopgevoed en Ongeïnteresseerd. Mensen die het laten liggen ook? Misschien ja.


Maar dan zegt die man zoiets moois. Luister, hij zegt: Waarom zou je de troep van de ander opruimen? Doe als Jezus. Hij kwam naar de wereld om onze troep op te ruimen. Onze zooi, ons vuil. Hij raapte het op, nam het mee en maakte daardoor Zichzelf tot afval. Jesaja zegt het zo: Gestalte of glorie had Hij niet, als wij Hem aanzagen, was er geen gedaante dat wij Hem begeerd zouden hebben. (Jesaja 53: 2) Alleen daarom al zouden wij de troep van de ander vanuit Gods liefde voor de schepping op moeten willen ruimen. Moeten willen ja. Als opdracht en uit liefde.

Als ik die avond met Rob een rondje surfvijver loop, zie ik ze: blikje hier, zakje daar. Op zich valt het mee, maar toch. Er ligt zeker wel wat. Omdat ik niets bij me heb en geen prullenbak zie, laat ik het liggen. Maar wie weet neem ik de volgende keer een zak mee. Als ik er aan denk. Want ik weet nu. Ik ben zeker wel opgevoed en wil daarin ook een voorbeeld zijn voor mijn kinderen. En stiekem raakte ik best een beetje geïnteresseerd en geprikkeld door wat deze man op de radio zei. Want ik wil doen zoals Jezus deed. Daar hoort puin ruimen dus ook bij.... Trouwens. Geen zooi laten slingeren ook. Dat is voor iedereen een eerste begin. Zowel letterlijk als geestelijk.
Tjonge, wat een les. Zomaar, onderweg naar school. In de auto. Op de radio.